ris-rijkschroeff-juristen
contact

Wat is het recht op dataportabiliteit?

De Europese privacywetgeving (Algemene Verordening Gegevens bescherming (AVG)), die op 25 mei 2018 van toepassing zal zijn, geeft verschillende nieuwe rechten aan betrokkenen. Éen van die rechten is het recht op dataportabiliteit.

In dit artikel staan we stil bij de vraag wat dataportabiliteit is, welke richtlijnen de toezichthouder heeft gegeven en het verschil tussen het recht op dataportabiliteit en het inzagerecht.

Wat het recht op dataportiabiliteit inhoudt

Het recht op dataportabiliteit wordt ook wel het recht op gegevensoverdraagbaarheid genoemd. Betrokkenen krijgen het recht om de persoonsgegevens die een organisatie van hen verwerkt te ontvangen.

Wat betrokkenen vervolgens met deze gegevens doen, mogen zij zelf weten. Ze kunnen het bijvoorbeeld voor persoonlijk gebruik bewaren maar ze kunnen de gegevens ook gebruiken wanneer ze overstappen naar een andere aanbieder. 

Het doel van recht op dataportabiliteit

Het doel van het recht op dataportabiliteit is het zorgen voor een versterkte positie van betrokkenen en het geven van extra controle over hun gegevens.

Om welke gegevens het gaat

De persoonsgegevens waar het om gaat moet de organisatie met toestemming van de betrokkenen hebben verwerkt of de persoonsgegevens moeten noodzakelijk zijn gebruikt voor de uitvoering van de overeenkomst. 

Het gaat dus om de gegevens die de betrokkene zelf actief heeft verstrekt en de gegevens die de betrokkene heeft verstrekt door het gebruik te maken van de diensten van een organisatie. Hierbij moet gedacht worden aan bijvoorbeeld NAW-gegevens, locatiegegevens en gebruikersnamen. 

Het verschil met inzagerecht

Op dit moment hebben betrokkenen al het recht op inzage van de persoonsgegevens die een organisatie van hen verwerkt. Het recht op dataportabiliteit en het inzagerecht zijn verbonden aan elkaar, maar verschillen ook op meerdere punten van elkaar. 

Een voorbeeld daarvan is dat een organisatie zelf mag bepalen op welke wijze de betrokkene inzage krijgt. De organisatie kan ervoor kiezen dat de betrokkene langs moet komen om de gegevens in te zien. Zij kan er ook voor kiezen om bijvoorbeeld de gegevens toe te sturen. De AVG geeft voor het recht op dataportabiliteit aan dat de gegevens op een bepaalde manier en in een bepaald format moet worden verstrekt.

Daarnaast zit er ook een verschil in welke gegevens er worden gedeeld met de betrokkene. Het inzagerecht geeft het recht op inzage in alle persoonsgegevens die van de betrokkene wordt verwerkt. Bij het recht op dataportabiliteit gaat het om de persoonsgegevens die door toestemming of voor de uitvoering van de overeenkomst worden verwerkt.

Conclusie

Het nieuwe recht op dataportabiliteit geeft niet alleen betrokkenen een versterkte positie en meer controle over hun persoonsgegevens, het geeft organisaties ook meer verplichtingen. Vanaf 25 mei 2018 kunnen betrokkenen een verzoek indienen om hun persoonsgegevens beschikbaar te stellen. De organisatie dient dan direct de gegevens te kunnen doorgeven aan een andere organisatie.

Het is belangrijk om nu al na te gaan denken over hoe de gegevens beschikbaar moeten worden gesteld. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan door via een tool of bepaalde software. Als er vragen of onduidelijkheden zijn, is het altijd raadzaam om dit samen met een jurist te doen.

Mocht u nadere informatie willen over dit onderwerp of een afspraak willen maken dan kunt u contact opnemen via het telefoonnummer 020 - 491 78 01 of u kunt een email sturen naar info@ris-rijkschroeff.nl.