ris-rijkschroeff-juristen
contact

Balans privacy en veiligheid juridisch vastgelegd in nieuwe Wet inlichtingen- en veiligheidsdiensten

De nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten biedt de nodige waarborgen als het gaat om het tegengaan van willekeurig en massaal verzamelen van gegevens van burgers. Ondanks dat, zal het kabinet op een aantal specifieke onderdelen nog scherper toezien dat de balans tussen veiligheid en privacy geborgd wordt.

Deze balans zorgt er voor dat de privacy van burgers wordt gewaarborgd terwijl de inlichtingen- en veiligheidsdiensten over middelen beschikken die noodzakelijke zijn bij het veilig houden en verdedigen van onze democratische rechtsstaat.

De inlichtingen- en veiligheidsdiensten mogen niet zomaar informatie uitwisselen met inlichtingen- en veiligheidsdiensten van bevriende staten. Er zijn meerdere criteria die moeten worden gewogen voordat informatie mag worden gedeeld. Zo moet er worden gekeken naar de parlementaire controle in het land, hoe de mensenrechten zijn en hoe het niveau van gegevensbescherming is. Op basis van deze afweging wordt bepaald hoeveel informatie er kan worden gedeeld.

De Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten wordt eerder, al na twee jaar, geëvalueerd. Dat wordt gedaan door een onafhankelijke commissie. Als uit de evaluatie blijkt dat er extra waarborgen in de wet moeten worden opgenomen, dan zal het kabinet daarvoor voorstellen indienen. De commissie zal bestaan uit deskundigen op het gebied van privacy, veiligheid en techniek. Zij krijgen toegang tot alle gegevens, ook staatsgeheimen, en hun rapport zal openbaar zijn.

Van de gegevens die worden verzameld zal naar verwachting 98% direct worden verwijderd en vernietigd. De overgebleven data dat is verkregen uit onderzoek naar digitale datastromen mag maximaal drie jaar worden bewaard. Voor alle overige gegevens geldt een maximale bewaartermijn van een jaar. Het kabinet zal ervoor zorgen dat er instrumentarium beschikbaar is waarmee gegevensbescherming is geborgd.

Om Nederland zo veilig mogelijk te maken, moeten de inlichtingen- en veiligheidsdiensten daar zijn waar de informatie is. In de 21ste eeuw communiceren kwaadwillenden met apps, mobiele communicatiemiddelen en via cloud services. En niet meer via de vaste telefoonlijn. Met alleen traditionele inlichtingenmethoden als volgen, observeren en het aftappen van telefoongesprekken lopen de inlichtingen- en veiligheidsdiensten informatie mis. De Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten brengt de bevoegdheden van de diensten bij de tijd, zodat zij hun werk goed kunnen uitvoeren en niets missen. Dit om de nationale veiligheid, de digitale veiligheid en militairen op missie te beschermen.